Geschilbesluiten van de Autoriteit Consument en Markt (deel 27)
Dit blogartikel is onderdeel van een reeks waarin wij verschillende geschilbesluiten behandelen. Onderaan dit artikel vindt u de links naar de overige artikelen.
CBb oordeelt in beroep over de vaststelling van afwijkende deelmarktgrenzen.
Inleiding
Partijen die een geschil hebben met de netbeheerder over de wijze waarop deze zijn taken en bevoegdheden op grond van de Elektriciteitswet 1998 (“E-wet”) uitoefent kunnen een dergelijk geschil voorleggen aan de Autoriteit Consument en Markt (“ACM”). Partijen kunnen tegen dit geschilbesluit in beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (“CBb”) indien zij het oneens zijn met het oordeel van de ACM. In dit blogbericht bespreken wij zo’n uitspraak van het CBb.
De zaak Biotech – ACM
Biotech Campus Delft Utilities B.V. (“Biotech”) is voornemens een nieuwe afvalwaterzuiveringsinstallatie te ontwikkelen op een bedrijventerrein. Daartoe heeft Biotech aan Stedin Netbeheer B.V. (“Stedin”) verzocht een offerte uit te brengen voor een aansluiting van 10 MVA op een spanningsniveau van 25 kV (tussenspanning). Stedin weigert deze aanvraag uit te brengen. In plaats daarvan biedt Stedin een aansluiting aan op een spanningsniveau van 23 kV. Biotech gaat hier niet mee akkoord en dient een klacht in bij de ACM.
Biotech beroept zich op de Netcode elektriciteit. Daarin staat dat een aansluiting met een aansluitingscapaciteit groter dan 3 MVA en kleiner dan of gelijk aan 100 MVA wordt aangesloten op een net met een spanningsniveau groter dan of gelijk aan 25 kV en kleiner dan of gelijk aan 50 kV.
Oftewel, Biotech heeft in principe met een aansluiting van 10 MVA recht op een aansluiting met een spanningsniveau van op zijn minst 25 kV. Echter, Stedin beroept zich op een uitzondering: het is de netbeheerder toegestaan om voor een gebied af te wijken van het verplichte spanningsniveau, mits dit bij de ACM gemeld wordt.
In de procedure bij de ACM werd Stedin in het gelijk gesteld voor zover de klacht zag op de deelmarktgrenzen. De ACM oordeelde dat Stedin op grond van artikel 2.25 van de Netcode elektriciteit en artikel 2.3.3 van de Tarievencode elektriciteit namelijk afwijkende deelmarktgrenzen hanteert. Bij die deelmarkten horen ook bepaalde spanningsniveaus.
Stedin hanteert voor aansluitingen van 10 MVA als spanningsniveau 23 kV. De ACM oordeelde dat Stedin de door haar gehanteerde deelmarkten, inclusief spanningsniveaus, op de juiste wijze bekend heeft gemaakt. De ACM verklaarde de klacht van Biotech, dat Stedin haar een 10 MVA aansluiting moet aanbieden op 25 kV, dan ook ongegrond. Als Biotech toch met een 25kV aansluiting aangesloten wil worden, kan Stedin daarvoor een maatwerktarief rekenen. Biotech gaat naar aanleiding van dit besluit in beroep bij het CBb.
Uitspraak CBb
Het CBb oordeelt – in lijn met de ACM – dat Stedin gebruik mocht maken van de uitzondering om in een gebied af te wijken van het verplichte spanningsniveau.
De achtergrond van deze uitzondering is als volgt. Deelmarkten zijn de verschillende categorieën waarbinnen een netbeheerder verschillende tarieven en diensten aan kan bieden. De deelmarktgrenzen worden bepaald op basis van onder meer de capaciteit van een aansluiting.
Om die reden staan zowel in de Netcode als in de Tarievencode een vergelijkbare bevoegdheid van de netbeheerder om een afwijkende deelmarkten te hanteren met betrekking tot respectievelijk het spanningsniveau (dienst) van de aansluiting en de tarieven. Er bestaat kortom een koppeling tussen de afbakening van deelmarkten in de Netcode en die in de Tarievencode. Dit brengt mee dat indien de netbeheerder op grond van de Netcode een afwijkende deelmarkt hanteert, hij diezelfde afwijking ook op grond van de Tarievencode hanteert. Daarom moet een verzoek tot toepassing van een afwijkend spanningsniveau gelijktijdig worden ingediend met het voorstel tot afwijking van de Tarievencode.
Het CBb oordeelt dat de bevoegdheid van Stedin om een afwijkend spanningsniveau toe te passen pas kan worden toegepast als de ACM een Tarievenbesluit heeft vastgesteld waarin diezelfde afwijkende deelmarktgrenzen zijn opgenomen (koppeling). In andere woorden: het rechtsgevolg van afwijkende deelmarktgrenzen, die integraal onderdeel uitmaken van het Tarievenbesluit, treedt pas in bij de vaststelling van dat besluit door de ACM.
Stedin heeft in haar Tarieven- en vergoedingsregeling 2023 de afwijkende deelmarkt grenzen opgenomen. De ACM beoordeelt bij deze regeling of sprake is van kostenreflectiviteit en of de kosten niet discriminatoir zijn. De ACM heeft in een Tarievenbesluit beoordeeld dat hiervan sprake is en daarom zijn deze afwijkende deelmarktgrenzen ook goedgekeurd. Stedin mocht daarom gebruik maken van het afwijkende spanningsniveau en Biotech slechts een aansluiting van 23 kV aanbieden.
Conclusie
Deze uitspraak bevestigt dat netbeheerders onder voorwaarden mogen afwijken van standaard spanningsniveaus, mits deze afwijkingen correct zijn verankerd in een door de ACM vastgesteld Tarievenbesluit. Zonder een Tarievenbesluit van de ACM mag het afwijkende spanningsniveau echter niet toegepast worden.
Heeft u naar aanleiding van bovenstaand artikel een vraag? Bijvoorbeeld omdat u vragen heeft over de kosten die uw netbeheerder in rekening brengt. Neem dan contact op met Cees Verburg of Ale van der Wielen, onze energierecht advocaten.
Dit blogartikel is onderdeel van een reeks waarin wij verschillende geschilbesluiten behandelen. Klik hieronder om de overige delen van deze reeks te lezen.
Deel 1 – Betalingstermijn van 14 dagen redelijk?
Deel 2 – De “vrij absolute” aansluitplicht van de netbeheerder
Deel 3 – Netverzwaring en de wijziging van bestaande aansluitingen
Deel 4 – De redelijke aansluittermijn bij een grootverbruikaansluiting
Deel 5 – Kan een gesloten distributiesysteem wel een hoogspanningsdeel omvatten?
Deel 6 – Het opknipverbod uit de Elektriciteitswet en de aansluitplicht van de netbeheerder
Deel 7 – De netbeheerder en het plaatsen van zonnepanelen voor eigen verbruik
Deel 8 – De aansluit- en transportplicht van TenneT bij een interconnector
Deel 9 – De redelijke aansluittermijn bij kleinverbruikaansluitingen
Deel 10 – Kosten netverzwaring voor netbeheerder
Deel 11 – Aansluitplicht netbeheerder bij gesloten distributiesysteem
Deel 12 – ACM doet uitspraak over kosten aansluiting
Deel 13 – ACM oordeelt dat de taken van de netbeheerder enkel strekt tot de eigen netten
Deel 14 – Wat is nu het gecontracteerd transportvermogen exact?
Deel 15 – Meterstanden en navorderingsnota’s
Deel 16 – Stedin handelt in strijd met regels over toekenning transportcapaciteit elektriciteit
Deel 17 – Aansluittermijn van 70 weken niet onredelijk?
Deel 18 – Klacht zonnepark gegrond door onvoldoende onderzoek door Enexis
Deel 19 – Netbeheerder mag aanbetaling vragen voor plaats in wachtrij
Deel 20 – ACM velt oordeel in geschil over de toekenning transportcapaciteit voor elektriciteit
Deel 21 – ACM over geschil wachtlijstplaatsing en afwijzingsmotivering
Deel 22 – Transporttarief gebaseerd op contract, niet op gebruik
Deel 23 – Overzetten naar N-0-net mag, maar niet zonder zorgvuldige afweging
Deel 24 – Dichtstbijzijnde aansluitpunt en aansluitkosten: ACM geeft richting
Deel 25 – ACM: Liander moet afwijzing transportcapaciteit concreet motiveren
Deel 26 – ACM: transportschaarste kan redelijke aansluittermijn verlengen
Deel 27 – CBb over vaststelling afwijkende deelmarktgrenzen